The Young Karl Marx: “Een oproep om het leven in eigen handen te nemen”

Met “The Young Karl Marx” waagt regisseur Raoul Peck zich aan een grote uitdaging. Hoe vertaal je leven en werk van een van de grootste denkers uit de geschiedenis naar het witte doek, zonder het publiek in slaap te wiegen met eindeloze theoretische uiteenzettingen? Peck focust op het jonge leven van Marx, zijn vrouw Jenny en zijn kompaan Engels. Zo maakt hij een film over opstandige jonge mensen die de wereld willen veranderen.

Hoe is het idee voor deze film tot stand gekomen?

(Foto Maximilian Bühn / Wikimedia)Raoul Peck. Pierette Ominetti van cultuurzender Arte sprak mij er als eerste over aan. Ik zou zelf nooit gedurfd hebben om aan de Franse televisie te vragen een film over Marx te maken. Vergeet niet dat we spreken over de periode voor 2008, toen de financiële crisis nog moest losbarsten. De idee dat het kapitalisme de onvermijdelijke horizon van de geschiedenis is, was nog steeds grotendeels dominant. Praten over klassenstrijd werd beschouwd als een afwijking. Het kapitaal had overal gewonnen. Maar toen Arte me vroeg op dit onderwerp te werken, heb ik niet getwijfeld. Want voor mij is Marx nog altijd iemand waar je niet omheen kunt. Je kunt onze huidige kapitalistische maatschappij niet uitleggen zonder terug te keren naar zijn gedachtegoed, naar de begrippen die hij smeedde en zijn analytische uitleg.

Maar na een tijdje realiseerde ik mij hoe omvangrijk het hele project zou worden. En toen ik geen effectieve manier vond om het onderwerp in een docudrama te behandelen, besloot ik om er een fictiewerk van te maken en de film te produceren met mijn productiebedrijf Velvet Film.

Waarom koos u ervoor om de jeugdjaren van Marx te belichten?

Raoul Peck. Ik wist van bij het begin dat ik me niet met de “oude bebaarde man” kon bezighouden. Want in dat geval had ik niet één, maar tien films nodig gehad. Zijn werk is op zoveel manieren geïnterpreteerd en vervormd ... Daarom besloot ik mij te concentreren op het ontstaan van zijn gedachtegoed, de periode van zijn doctoraat in 1841 tot aan het manifest van de communistische partij in 1848. In deze jaren ontstond bij Marx de ambitie om een wetenschap op te zetten over de geschiedenis van de samenlevingen.

Hoe bent u dan concreet aan de slag gegaan? Er is over Marx al zo ontzettend veel gezegd en geschreven.

Ze zijn jong, ze zijn opstandig en ze willen de wereld veranderen. Dat is de kern van de film.

Raoul Peck. Ik ben begonnen met afstand te nemen van alle “experts” van Marx en alle interpretaties van het werk van Marx. Ik wilde Karl Marx, zijn vrouw Jenny en Friedrich Engels in hun concrete leven en in hun eigen woorden laten zien. Ze zijn jong, ze zijn in hun twintiger jaren, ze zijn opstandig en ze willen de wereld veranderen. Dat is de kern van de film.

Mijn doel was vanaf het begin om met dit formidabele verhaal jonge mensen van vandaag te inspireren, om voeding te geven aan hun eigen gevechten. Ik heb deze film niet gemaakt door in de achteruitkijkspiegel te kijken, maar door goed vooruit te kijken, naar het heden en de toekomst. Deze film is een oproep om het leven in eigen handen te nemen, zoals deze drie jonge mensen in hun tijd dat deden, en alles te veranderen wat moet veranderd worden, zonder zichzelf beperkingen op te leggen. Ken je geschiedenis, leer kijken naar de verbanden tussen de gebeurtenissen, wapen je geest, organiseer je en strijd. Dat is de boodschap.

Een scène in de film vat de debatten samen die geleid hebben tot de omvorming van de Bond der Rechtvaardigen naar de Bond der Communisten. Bij Engels staat de behoefte aan wetenschappelijkheid centraal.

Raoul Peck. Ja, hij staat erop dat alle romantiek achterwege wordt gelaten. De Bond der Rechtvaardigen had als motto: “Alle mensen zijn broeders.” Engels plaatst deze slogan tegenover de sociale tegenstellingen. Hoe kan men zeggen dat de baas en de arbeider, de uitbuiter en de uitgebuite, broeders zijn? Nee, niet alle mensen zijn broeders. Het nieuwe motto is dan: “Proletariërs aller landen, verenigt U!” Natuurlijk moeten wij vandaag op een heel andere manier bepalen wie er onder de term “proletariër” valt.

Is dat niet de centrale idee van de film? De ontwikkeling van een communisme dat uitgaat van reële tegenstellingen in de samenleving om zo naar de realisatie van een ideaal te gaan? Tegenover een utopisch socialisme dat de realiteit in het ideaal wringt en zo het proletariaat ontwapent?

Raoul Peck. De antwoorden die in de geest van de mensen opkwamen, waren die van hun tijd. We zijn aan het begin van de industriële revolutie, na de Franse Revolutie. We beginnen op dat moment pas te begrijpen dat het de mensen zijn die de geschiedenis maken, zelfs wanneer er in de grote fabrieken een nieuwe vervreemding van het werk ontstaat. Deze tegenstrijdige context is een goede voedingsbodem voor de opkomst van grote utopieën, zoals de Phalanstère van Fourier. Maar Marx heeft het denken van de ontluikende arbeidersbeweging eigenlijk vernieuwd, en heeft ons uitgenodigd om opnieuw te vertrekken van de nauwkeurige analyse van de samenlevingsstructuren.

Romantiek interesseerde Marx niet. Hij wilde het in de praktijk zien, met argumenten en bewijzen.

Voor hem was het de enige echte methode om vervolgens samen te beslissen in welke richting we ons moeten engageren. Romantiek interesseert hem niet. Hij wil het in de praktijk zien, met argumenten en bewijzen. Het is een heel Duitse manier van denken. In het Duits wordt het werkwoord aan het einde van de zin geplaatst. Dit betekent dat je echt moet bedenken wat je bedoelt, voordat je het zegt. Het is een structurele taal. In de film illustreert de scène waarin Marx Proudhon in de verdediging duwt over de eigendomskwestie heel goed dit culturele verschil. Als Proudhon beweert dat “eigendom diefstal is”, vraagt Marx: “Welke eigendom?” En hij laat het niet los. Hij kan niet tevreden zijn met zulke veralgemeningen.

Hoe slaagde u erin om ingewikkelde filosofische debatten filmisch boeiend te maken?

Raoul Peck. Het heeft tien jaar geduurd om dat te doen. (lacht) Er is geen geheim. Het eerste concept van het scenario was veel didactischer. Het was veel werk om er te geraken, versie na versie. Maar het is een film die gebaseerd is op de realiteit, een veeleisende film! We hebben niets uitgevonden. Ik kon ook rekenen op het talent van mijn vriend en scenarioschrijver Pascal Bonitzer, die weet hoe hij scènes die te theoretisch zijn kan omzetten in levendige scènes, zonder ooit af te wijken van de kern van de zaak.

Ik heb ook acteurs uit het theater gekozen: August Diehl speelt Karl Marx, Stefan Konarske speelt Friedrich Engels en Vicky Krieps  in de rol van Jenny Marx. Zij kunnen authentieke karakters uitbeelden. Een dialoog is een manier om zichzelf een gestalte te geven, om te bewegen, om stiltes in te lassen of niet. In mijn manier van filmen gebruik ik ook vaak sequenties die adem kunnen geven aan de acteurs, zodat ze hun karakters echt kunnen modelleren.

Marx is voor mij een manier om de wereld met een onverzadigbare nieuwsgierigheid te bekijken en te begrijpen

Wat zijn de belangrijkste ideeën van Marx die u vasthoudt?

Raoul Peck. In tegenstelling tot sommigen van mijn tijdgenoten, die slechts het theoretische deel ervan behouden, is Marx voor mij een manier om de wereld met een onverzadigbare nieuwsgierigheid te bekijken en te begrijpen. In een merkwaardig debat met Wilhelm Weitling, destijds de voornaamste figuur van het Duitse utopische socialisme, sprak Marx deze zin, die ik bijzonder inspirerend vind: “Onwetendheid heeft nooit iemand geholpen.”

Maar wij zwemmen vandaag in de onwetendheid. Onwetendheid over de ander, onwetendheid over onze eigen geschiedenis. Op een listige manier presenteert men ons de migranten als een bedreiging, Europa sluit zich op in zichzelf. We zien het gebruik van recepten van decadentie, recepten van het einde van een tijdperk. Het is nodig om opnieuw dialectisch te leren denken, door de verborgen verbanden zichtbaar te maken, door de feiten in hun historiciteit te plaatsen. Er zijn niet meerdere geschiedenissen over deze aarde, er is er slechts een waarin alles verbonden is.

De stijging van rijkdom in een deel van de wereld gaat gepaard met armoede elders. Wanneer een bedrijf een bepaalde streek verlaat, met werkloosheid en ellende als gevolg, dan gaat het niet op in lucht. Het begint alleen elders uit te buiten, waar de lonen lager zijn, waar de krachtsverhoudingen tussen kapitaal en arbeid ten voordele van de rijken beslist worden. En vooral dit: het zijn niet de werknemers die de rijkdom voortbrengen die er ook van profiteren, maar de eigenaars en de aandeelhouders.

Interview overgenomen uit L’Humanité, 15 september 2017.

Dit artikel komt uit het magazine Solidair van november 2017Abonnement.


1 reactie

Gelieve je mail te bekijken voor een link om je account te activeren.
  • Nick Dobbelaere
    publiceerde deze pagina in Nieuws 2018-04-27 14:05:57 +0200